Instellen van metadata

Beschrijf de herkomst van uw kaartlagen

Binnen GeoApps is het mogelijk om metadata in te stellen. Deze metadata wordt weergegeven in de viewer, waarmee de gebruiker informatie van de achterliggende data kan opvragen en de bronhouder kan inzien.

In deze handleiding vindt je stapsgewijs hoe je de metadata voorbereid, toegewezen wordt aan de betreffende data en hoe deze uiteindelijk door gebruikers geraadpleegd kan worden.

1. Aanmaken van bronhouders

De configuratie van de metadata is opgedeeld in twee onderdelen: het beheer van de metadata van het dataset en het bijhouden van de bronhouders die data verstrekken. De bronhouders kunnen beheerd worden in de beheeromgeving onder Metadata -> Organizations.

2. Aanmaken van Metadata-items

Na het configureren van de benodigde bronhouders kunnen deze direct gebruikt worden in de metadata informatie. Deze informatie is terug te vinden door direct vanuit het hoofdmenu naar Metadata te gaan. Bij het aanmaken van een metadata item kan de betreffende bronhouder geselecteerd worden die eerder is aangemaakt.

3. Toewijzen van metadata

De laatste stap van het instellen van metadata is het toewijzen aan de betreffende data. In GeoApps kan dit per dataset. Ga naar Datasets, en selecteer een dataset waaraan je metadata wilt toevoegen. Ga naar het tabblad Metadata onderaan deze pagina.

Om de metadata te koppelen, selecteer Add. Per dataset kunnen meerdere records worden toegevoegd, indien bijvoorbeeld een gecombineerde databron gebruikt wordt (bijvoorbeeld CBS data en de TOP Grenzen van het Kadaster). Er opent nu een nieuwe pagina waarin de eerder aangemaakte metadata geselecteerd kan worden. Aanvullend zijn er twee keuzes voor de toewijzing van de metadata (Dataset Assignment Type):

  • Dataset
    Bij de toewijzing op dataset niveau wordt de betreffende metadata altijd getoond.
  • Attributes
    Hiermee kan de metadata toegewezen worden aan bijvoorbeeld een of enkele kolommen van het dataset. De metadata wordt voor dit dataset alleen getoond als de betreffende kolom gebruikt wordt in de kaart die gemaakt wordt, bijvoorbeeld in de popup of voor het inkleuren van de kaartlaag.

Met deze stappen is de metadata volledig ingesteld en wordt automatisch getoond in de kaarten waarin de data gebruikt wordt. De metadata kan geraadpleegd worden in de viewer in het snelmenu per kaartlaag, via de info-knop.


Did this page help you?